Sluitingspreek "God alleen!" (30 juni 2019)

 

Markus 5: 36  Geloof alleen! (Sluitingsdienst Sola Fide 30 juni 2019)

 

Gemeente van onze Heer Jezus Christus,

 

Sola Fide. Door het geloof alleen. Zo staat het op de steen, die voor ons kerkgebouw staat.

Het is Latijn, geen bekende taal voor ons. Buitenstaanders zullen het een rare naam vinden, misschien moesten we er zelf ook wel aan wennen.

Dr. Thoomes, het hoofd van de Chr. MULO en een belangrijke man van het eerste uur, heeft hem ooit bedacht. We weten niet de motivatie. Mogelijk hield het verband met die roerige tijd van de eerste 40 jaren van haar bestaan. Sola Fide is niet zomaar ontstaan. Het was een lange strijd met de Hervormde Gemeente, waarvan de behoudende richting destijds de meerderheid vormde. Er was geen ruimte voor een ander geluid. Sola Fide was een soort rebellenclub. Dat gaf energie en enthousiasme. Het groeide als kool. Maar mensen werden wel met de nek aangekeken en openlijk bekritiseerd.

Sola Fietje, het luchte bietje!

 

Sola Fide: door het geloof alleen. Dat klinkt als een oproep om te blijven zien naar waar het uiteindelijk om gaat. Niet om wat mensen zeggen en denken, maar om wat de Heer ons zegt. Niet om de strijd met mensen en de frustraties die er ongetwijfeld waren, maar om het geloof in de God, die voor ons uit gaat en de weg voor ons baant.

Ik denk dat deze bewogen geschiedenis ervoor heeft gezorgd, dat we van Sola Fide hielden. Dat rebelse en dat strijdbare van de begintijd bleek er ook nog steeds in te zitten, in deze laatste periode. Het was onze identiteit geworden. Sola Fide was wat apart, maar het was wel onze club.

 

Onze naam was een begrip. Dat kwam ook door dit gebouw uit 1951. Het was een multifunctioneel Verenigingsgebouw, waar op zondag dienst werd gehouden, en doordeweeks allerlei uitvoeringen van verenigingen, vergaderingen, concerten en filmavonden waren. Iedereen kwam wel eens een keer in Sola Fide.

Ook voor onszelf was het een begrip. Maar sinds het principebesluit van onze Algemene Kerkenraad in februari 2017, dat De Goede Reede en Sola Fide verkocht zouden worden, kreeg deze naam nog weer een andere dimensie voor ons: Door het geloof alleen.

Nu gingen wij voelen, wat dat betekent: alleen geloof –

als ons gebouw, waar we in leefden, die een stuk van onze identiteit was, en als een comfortabele jas om ons heen zat, verkocht ging worden,

en als gevolg daarvan onze gemeente – en dat hebben we natuurlijk zelf gedaan – uit elkaar ging vallen, doordat er steeds meer mensen maar alvast vertrokken en hun heil ergens anders gingen zoeken,

als ruim tweederde van alle medewerkers stopt, maar het werk gewoon doorgaat,

en als sommige mensen uit teleurstelling dreigen helemaal af te haken.

We kwamen in een neerwaartse spiraal terecht. Het was een zware, maar ook voor onszelf en voor Allerl Erf, onze toekomstige partner, een teleurstellende periode.

 

En toch heten we Sola Fide. Door het geloof alleen. Wat betekent dat dan?

Aan de ene kant heerste het gevoel van: Daarmee kom je er toch niet? Het is toch gedaan met Sola Fide? Wij waren de afgelopen jaren toch een kerk die stervende was? Zo heb ik het weleens gevoeld. En vandaag is het zover, dat definitief de deur dichtgaat. En dat is ook maar goed, want zo gaat het niet meer.

Maar aan de andere kant klonk telkens weer het Woord van God. Een Woord dat het malaisegevoel doorbrak, telkens weer. We ontdekten in de afgelopen periode, dat God veel vaker in afbraaksituaties – van het volk IsraŰl in het OT en van de gemeente in het NT – op zijn wijze doorgaat. Dat Hij niet afhankelijk is van het succes van het grondvlak. Dat Hij trouw blijft en niet laat varen het werk van Zijn hand. Maar wel op Zijn wijze.

Zo hebben we geoefend in ‘Sola Fide’, in alleen-maar-geloven...

Ook vandaag, in onze laatste dienst, blijkt het opnieuw zo actueel te zijn als wat.

 

Ja´rus is ten einde raad. Zijn dochtertje is doodziek. Hij gaat persoonlijk naar Jezus toe en haalt alles uit de kast om Hem mee te krijgen naar zijn huis. Laat Jezus bij haar bidden, de handen opleggen, misschien nog wat rituelen…

Hij trekt Hem als het ware mee. En Jezus laat zich meevoeren.

Maar onderweg wordt Hij opgehouden door een vrouw, die ook Zijn hulp dringend nodig heeft. Jezus stuit in onze wereld op heel veel nood en dood. Daar is Hij voor gekomen!

Ja´rus popelt… schiet nou op, schiet nou op.

Ach, daar komt al een knecht aan met de slechte boodschap: ‘Stop er maar mee, het meisje is gestorven. Val de Meester niet langer lastig’.

Je ziet hem in elkaar krimpen, verslagen, vertwijfeld. Als iemand voor wie de deur keihard voor zijn neus wordt dichtgeslagen. Hij laat Jezus los. Vergeefs heeft hij een beroep op Hem gedaan.

 

Ook voor ons lijkt dit de boodschap te zijn: Het kind is dood, stop er maar mee, het heeft geen zin meer.

De mensen die Ja´rus vertellen dat hij de realiteit moet aanvaarden, zeggen geen onzin.

Maar, voor Ja´rus is het nu zaak om op Jezus te blijven letten. En naar Hem te luisteren.

En dat is het ook voor ons!

 

Jezus hoort wel wat de bode tegen Ja´rus zegt, maar gaat voorbij aan de inhoud van de boodschap.

Hij zegt: ‘Vrees niet, geloof alleen!’ Nu, op dit moment, nu zijn wereld instort komt het daar op aan.

Let op: Hij zegt niet: ‘Het komt wel goed’.  Ook niet: ‘Alles is mogelijk als jij maar gelooft’. Gelukkig niet.

Hij zegt: ‘Geloof alleen’. Dat is een kaal geloof. Het gaat puur om geloven. Puur om: Sola Fide.

Of te wel: het gaat puur om Jezus alleen. Die staat hier. Hij is bij je. En Hij is diep vertrouwd met lijden, afbraak, verlating, dood en graf. Maar ook met opstanding en nieuw leven.

Geloof alleen: Jezus is bij je. Hij heeft nog niets ‘gedaan’, maar Hij is er. Ik-ben-die-Ik-ben is erbij!

Dat is je houvast. Je enige houvast. Hou je daaraan vast, wat er verder ook gebeurt.

 

Moet Ja´rus nog op een wonder hopen?

En moeten wij dan nog op wonderen hopen? Is dat het?

Dat kunnen wij niet eens. Alle zekerheden, die ons hadden omringd, zijn immers weggevallen. Het geloof is het laatste wat over is, en dat soms niet eens…

Maar wat voor geloof is dat nog, als het eigenlijk noodgedwongen is, omdat we verder niets meer in handen hebben? Wij, die onszelf trots ‘Sola Fide’ noemden?

Dat is toch beschamend?

Of, moet je zeggen: ‘geloof alleen’, het geloof dat ‘alleen overblijft’, als al het andere je uit handen is geslagen, dßt is het echte, het beproefde geloof. Het geloof als laatste toevlucht. Het je toevertrouwen aan God, wiens macht over onze horizon heen reikt.

Hij is er. En Hij gaat voor ons uit. Ook al staan wij met lege handen. Hij zal voor ons zorgen. Laten we Hem volgen en Zijn weg met ons gaan.

Dit geloof opent de toekomst, ook al moeten wij noodgedwongen de deur sluiten.

Als God een deur sluit, opent Hij altijd wel weer een venster, zei Maarten Luther.

Dat is geloof.

 

Ja´rus laat zich nu door Jezus op sleeptouw nemen. Nu gaat Jezus voorop.

Dat is wel bijzonder. Daar is ook moed en geloof voor nodig. Om nu, met lege handen, achter Hem aan te gaan. Hij geeft zich over aan Christus en wordt zo opgenomen in de gang van Christus’ werk.

Geloof alleen! Wat moet hij anders nog? Maar hij gaat. Mee terug naar zijn huis.

 

Daar wemelt het ondertussen van de klagers en huilers. Onder hen ook beroepsklagers. En maar huilen en lawaai maken over de dood van het kind.

Herkennen we ook, denk ik. Klagen, verdriet, protest. Tegen de afbraak van de kerk en van onze kerk.

Jezus stuurt ze allemaal weg. Kennelijk kan Jezus niet werken met al dat gehuil en geklaag in zijn nek.

Ja, dat valt nu wel even op: Kennelijk kan Jezus niet werken met al dat gehuil en geklaag in zijn nek. Ook bij ons niet.

Het staat namelijk haaks op het ‘Geloof alleen’. Heb vertrouwen in Mij.

Jezus zegt dan daarbovenop: ‘Het kind is niet gestorven, maar het slaapt’.

Ja, dan gaan mensen natuurlijk lachen. Ze zijn toch niet gek. Ze zien heus wel wanneer iemand dood is en wanneer niet.

 

Markus laat zich er niet over uit, of het kind werkelijk dood is, of misschien schijndood.

Hij weet alleen maar dit: dat de mensen het hebben opgegeven, maar Christus niet.

En dat Zijn woord in staat is om te doen wat bij mensen onmogelijk is: Wakker roepen en tot leven wekken.

Wat wij afschrijven, dat kan God levend maken.

Wat wij vinden dat het zijn tijd heeft gehad, kan God een nieuwe toekomst geven.

Wat wij voor dood aanzien, zegt de taal van het geloof: Dood? Welnee, ze slaapt.

Stuur de klagers de laan uit. En laat God werken.

Talita koem. Meisje, Ik zeg je, sta op!

Zo is de gemeente, onze gemeente, ook niet dood als wij straks buiten staan.

En is ons geloof niet verdwenen.

Ze slaapt, zegt de Heer. Zo kijkt Hij. En Hij heeft de macht om wakker te roepen!

Het is de helende, genezende en opwekkende kracht van de liefde van God. Van de gekruisigde en opgestane Heer, die ons oproept en opwekt tot een leven in geloof en in liefde, in Zijn dienst, in de nieuwe gemeente, de Open Hof, ieder op de plaats waar hij of zij gesteld is en onderweg naar Zijn toekomst.

Laat je maar aanraken door de Heer, laat Hij jou maar bij de hand nemen, en op je voeten zetten. En wrijf de slaap en de tranen maar uit je ogen.

Talita koem. Sta op tot een leven voor de Heer en zijn Rijk.

 

Sola Fide sluit noodgedwongen haar deuren.

Maar Jezus zegt tot ieder van ons: Geloof alleen!

En sta op.

Talita koem.

 

Amen